X
Santip Santip Bekijk Santip artikelen
Nivo Nivo Bekijk Nivo artikelen
Vakpublicaties Vakpublicaties Bekijk vakpublicaties
Inschrijven nieuwsbrief Inschrijven nieuwsbrief Inschrijven nieuwsbrief

Niet alleen technisch advies
maar tevens een sparringpartner
en vertrouwenspersoon

FISCALE BOETE BETALEN?

Santip 2017-11

De ontvanger van de Belastingdienst mag een belastingplichtige een verzuimboete opleggen, zijnde maximaal € 4.920 als de belastingplichtige een aanslag niet of niet-tijdig betaalt. Maar ben je altijd de pineut als je een keertje te laat betaalt? Deze vraag stond centraal in de casus die speelde bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 1 mei 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:703)

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 1 mei 2017

In de betreffende zaak had een B.V. een betaalverzuimboete ad € 2.737 opgelegd gekregen omdat de termijnen van een voorlopige aanslag voor de vennootschapsbelasting niet waren betaald. De vraag die voorlag was of de ontvanger deze boete had mogen opleggen. Van belang hierbij is dat de fiscus en dus ook de ontvanger deze niet in strijd met de bedoeling van de wetgever mag handelen.

Wetsgeschiedenis

Tijdens de parlementaire behandeling van de invoering van artikel 63b IW 1990 is het volgende opgemerkt:
 
‘(…) voert het kabinet een nieuwe verzuimboete in wegens betaalverzuimen bij aanslagbelastingen. Van een betaalverzuim is sprake indien de belastingschuldige de verschuldigde belasting niet, niet geheel, of niet tijdig betaalt. De verplichting om te betalen ontstaat nadat een belastingaanslag is vastgesteld. Het aanslagbiljet vermeldt de termijn waarbinnen betaald moet worden. Deze nieuwe verzuimboete wegens betaalverzuimen wordt uitsluitend handmatig opgelegd. Zoals ik heb aangegeven wordt deze verzuimboete bovendien niet standaard opgelegd, maar in door de ontvanger te beoordelen situaties, bijvoorbeeld bij stelselmatig niet, stelselmatig niet geheel of stelselmatig te laat betalen.
(…)
Overigens merk ik op dat de term «notoire wanbetaler» is gedefinieerd in de Leidraad invordering 2008. Daarbij worden aan het zijn van een notoire wanbetaler meer eisen gesteld dan wellicht in het spraakgebruik gebruikelijk is. Ik spreek in het vervolg dan ook liever van degene die stelselmatig niet, niet volledig of te laat betaalt.’.
(Kamerstukken II 2009-2010, 32128, nr. 20, p. 13-14)
 
Uit het voorgaande blijkt dat de wetgever de bevoegdheid tot het opleggen van de onderhavige boete heeft willen beperken tot gevallen van notoire wanbetalers.
 

Intern memo Belastingdienst

Echter, de ontvanger overlegt tijdens deze procedure een intern, niet-gepubliceerd, memo van de Belastingdienst van 24 april 2014 omtrent de toepassing van de betaalverzuimboete van artikel 63b IW 1990. In dat memo staat onder meer het volgende:

‘In de Parlementaire Geschiedenis is aangegeven dat de betaalverzuimboetes zullen worden opgelegd aan notoire wanbetalers. Deze maatregel werd geacht een hoge opbrengst te genereren. Omdat – na evaluatie van de eerste ervaringen – duidelijk werd dat bij het opleggen van de boetes alleen aan notoire wanbetalers deze doelstelling niet gehaald zou worden is besloten om deze maatregel breder in te zetten.’

De ontvanger heeft, ter onderbouwing en rechtvaardiging van de opgelegde boete, verwezen naar dit interne memo. Maar de verwijzing naar het memo viel niet in goede aarde bij de rechter. De rechter oordeelt hierover als volgt:

Gelet op de in 4.3.3 vermelde passage uit het interne memo van de Belastingdienst is het beleid ten aanzien van de betaalverzuimboete bij aanslagbelastingen op enig moment aangescherpt, kennelijk ingegeven door budgettaire overwegingen. Het in het interne memo vervatte beleid strookt, gelet op de onder 4.3.3 vermelde passage, niet met de bedoeling van de wetgever zoals volgend uit de parlementaire geschiedenis. Van bevoegdheidsuitoefening overeenkomstig het voornoemde memo kan, voor zover die verder gaat dan hetgeen de wetgever aan de Ontvanger heeft willen toekennen, geen sprake zijn.”

Conclusie

Het moet dus volgens de parlementaire wetsgeschiedenis gaan om een notoire wanbetaler wil de ontvanger een dergelijke boete mogen opleggen. De ontvanger kon in deze casus niet aantonen dat de B.V. een notoire wanbetaler was. Het eenmalig niet of niet-tijdig betalen van een eerste voorlopige aanslag kon namelijk niet worden aangemerkt als een notoire wanbetaling. De boete werd daarom ook vernietigd.

Tot slot

Santax heeft een nieuwe aanwinst door de komst van de ervaren fiscalist Martin Tol.  Martin zal vanaf heden ook elke woensdag van 17:00 – 18:00 het gratis inloopspreekuur houden. Kom met uw financiële en fiscale vragen langs. Hij zal u goed van dienst zijn én zonder boete :)